All- In

Als een aangespoelde walvis ligt de veel te dikke man, in de branding. Hij doet net of het zo hoort maar het is overduidelijk dat hij niet op kan staan. De stroming trekt kuilen in het zand, waardoor hij steeds vaster komt te zitten. Moeizaam rolt hij om. Hij glimlacht maar onder die lach zit irritatie. Het bandje met gaatjes en het logo van een hotelketen om zijn pols snijdt in zijn vlees.

“Ik vin dees heul vuil soep,” zegt mijn reisgenoot die het water, waar een rotte vis doorheen is gezwommen, heeft aangezien voor tomatensoep. We bevinden ons in een resort op Cuba, wat een welkome afwisseling is,  na het nodige avontuur in Havanna, Cienfuegos en Trinidad.  We ontkomen  niet aan het all-in concept maar beloven plechtig om alles op te eten wat we opscheppen en onze borden niet  belachelijk vol te laden. Helaas. We gooien de soep zo onopvallend mogelijk terug in de onaangeroerde pan. Conclusie na vijf dagen: voor ons geen polsbandjes meer.

Maar ja. Mede dankzij de  mini-erfenis van oma zijn we tijdens een reisje naar de zon met mijn ouders, zusje en onze mannen en kinderen,  toch weer gezegend met een polssieraad, waarmee we ons te goed kunnen doen aan allerlei heerlijkheden. “Daar is niets mis mee!”, zegt de mevrouw van het reisbureau vriendelijk maar kordaat. “Je hoeft niets te doen, de kinderen kunnen halen waar ze zin in hebben en jullie hebben geen omkijken naar ze.” Haar roodgelakte nagels tikken alweer over het toetsenbord. In een flits zie ik hoe onze kinderen zich vol duwen met vet en suiker maar ik zeg: “Ach ja, waarom ook niet.”

Oktober 2014. Clube Humbria, Olhos de Agua, Portugal. Daar gaan we. De receptioniste ketent onze bandjes vast. Niet te strak, anders groeit hij straks in ons vel. “Doet ‘m maar een gaatje losser!”, roept mijn moeder uitgelaten. Aarzelend betreden we de, met Tl-buizen, verlichte eetzaal. Het percentage aan overgewicht is enorm. De vele logge lichamen, behangen met ruimvallende dierenprints of T-shirts met louche afbeeldingen, waggelen doelgericht langs de bakken met eten. Hoe dikker ze zijn, hoe vetter het voedsel, torenhoog op de borden. “Zo zien wij er over een week ook uit.”, zegt mijn vader. Hij vergeet gewoon te eten bij het aanschouwen van zoveel bezienswaardigheden. Hij doet er nog een schepje bovenop met het lied: ‘Overgewicht, overgewicht, ja wij hebben overgewicht!’

Het moet gezegd: het eten is prima en je hoeft er, als je een beetje uitkijkt, niet persé van aan te komen. Wij dompelen ons onder in de verwennerij van het niets doen en leren hoe we op gezette tijden gewoon stommetjes kunnen spelen. Nemen het bier in plastic bekertjes op de koop toe. Nergens over nadenken, genieten van de zon, spelende kinderen in de golven, mooie Portugese stadjes en van het schouwspel in de eetzaal. Als we als dagen thuis zijn zingt mijn zoon opeens: “Overgewicht…overgewicht, ja wij hebben…”Sja. It’s ALL-In the mind!

 

   

Zolder

“Papa zegt dat jullie slaapkamer voor mij wordt”, zegt mijn dochter met glinsterende ogen. In een flits heb ik mijn lief met een grote hamer de zoldertrap op zien gaan. Hij kent me. Ik hou niet van dingen die opeens veranderen. Ik ben een soort ‘ gelegenheidsautist’,  aan de ene kant een enorme rommelkont  en aan de andere kant hang ik aan elkaar van structuren. Het gebonk op zolder doet mij vermoeden dat ik niet meer terug kan.

Met mijn ogen half dicht neem ik de schade op. Eén muur ontbreekt maar er komt veel meer licht naar binnen. Ik ga dus maar overstag. Een nieuwe slaapkamer is natuurlijk niet verkeerd. Ik hoor hem timmeren, zagen en trots op zichzelf zijn. Ik zie hem  gereedschappen het huis in dragen waarvan ik bij god niet weet waar ze voor dienen. Bloed en zweet worden niet gespaard, tranen voorlopig nog wel.

Dan hoor ik een heleboel herrie en een “Jans, kom helpen, NU!”  Mijn klussy  husby is van de keukentrap gevallen. Om niet in  de ‘dik-op-en-neer-zaag’ terecht te komen heeft hij het ding maar gewoon weggegooid, bovenop een emmer muurverf die omgevallen is en nu gestaag leeg loopt. Spetters hebben nog bruikbare spullen voorzien van een vlekkenpatroon. Zwijgend help ik met opruimen en zie een halfafgezaagd been voor me, en een zolder vol rode vlekken. Snel denk ik aan de nieuwe vloer die we gaan uitzoeken.

“Maybe I make  that flat forr you, I now go to Prraxiss , but I rrreally don’t like waterrr so you have to take off  zinc forr yourrself!” Voor het echte werk heeft mijn schat Mikos geregeld. “Allemaal als jij niet thuis bent lieverd!”, zegt hij, want hij kent me. In het echt staat de mediterrane klusser te pas en te onpas voor mijn neus. “Tell Gein (lees Hein) that  it is his prrroblem!” Maar Gein houdt ook niet zo van moeilijke klussen en zeker niet van  onafgesproken ongein. Ik hoor ze boven ruziemaken.  Ik stop mijn oren dicht en negeer het stemmetje in mijn hoofd. ‘Zie je nou wel, dit komt nooit meer goed.’ Even later staat Mikos braaf zijn werk te doen.

“Mama, mijn slaapkamer is helemaal nat!” Wederom sta ik zwijgend te dweilen als blijkt dat er ergens een leiding niet goed afgesloten is. Het water komt als een douche alle kieren en gaten van mijn meisjes kamertje binnen. Je kunt hier zo je spetterdiploma halen.“I’m rreally sorry forr the waterr!” , zegt Mikos met tranen in zijn ogen. Schaapachtig knik ik en mompel: “ it is no PRROBLEM at ALL!”

De zon schijnt de zolderkamer in. Een streep licht op de vloer met Marokkaans patroon. Onze kleren keurig netjes opgevouwen in de nieuwe inbouwkast. Voorlopig is het nog lang niet zo ver maar er komt een moment dat ik blij ben dat de man met de hamer gewoon zijn werk heeft gedaan.

Drie

“Je stopt nu met die bescheidenheid en morgen schrijf je je in bij de Kamer van koophandel. Anders gebeurt er helemaal niks.” Ik kijk de mevrouw van de loopbaanbegeleiding glazig aan. Natuurlijk heeft ze gelijk maar ik kan toch niet zo maar, naast mijn baan in het onderwijs, een eigen bedrijf beginnen? Ja dat kan wel!

Allerlei momenten flitsen voorbij. De workshop met thema bejaarden. Degelijk voorbereid stap ik met mijn grote toneelkoffer het bejaardenhuis in. Ik ga aan de slag met het personeel en een aantal vrijwilligers. Net als ik mezelf en al mijn bagage in de veel te kleine lift heb gepropt hoor ik: “Joehoe, hier moet je zijn!” Als ik langzaam naar boven ga vang ik door het raampje nog net de blik van iemand die de zestig al ruim gepasseerd is.  Ik krijg een angstig voorgevoel. Dat blijkt te kloppen als ik de ruimte binnenkom waar ik mijn workshop mag gaan geven. Een lange tafel vol met grote stukken taart omringt met tachtig procent vijfenzestig plussers. Ze pissen al letterlijk in hun broek bij de eerste opdracht. Even het programma omgooien. Ze  verkleden  zich en zijn helemaal in hun element. Geweldige avond.

Dan het kinderfeestje met achttien kinderen van groep drie. “Ja ze heeft de hele klas uitgenodigd, maak jij even een leuk toneelstukje? Handig zeg dat je ook juf bent.” Ouders vervolgens ergens wijndrinkend en ‘ik ben er even niet’ op het tuinterras. “Jij redt je wel hè?” De jongens hebben weinig zin om toneel te spelen, breken de halve tuin af.  Sommige meisjes zijn zo verlegen dat ze alleen maar iets willen zeggen als ze mijn hand mogen vasthouden. Ik zweet me kapot maar door hard werken staat er uiteindelijk een redelijk toneelstukje en heb ik leuk verdiend.

Ik herinner me een man die opeens een discussie begint. Of ik wel weet dat humor heel betrekkelijk is en dat humor niet altijd grappig hoeft te zijn. Bescheidenheid steekt te kop op. Wat moet ik daar op antwoorden? “Of ben jij er een van het theater met  een lach en een traan? “, besluit de man zijn monoloog en begint daarna heel hard te lachen. Zwijgend laat ik hem zijn podium verlaten.

Trots ben ik, vooral heel trots. Op wat er de afgelopen drie jaar gerealiseerd is. Trots op alle mensen die een beetje bij Janske’s Theater zijn gaan horen. Neem onze voorstelling. Natuurlijk valt er nog aan te sleutelen. Het kan altijd beter. Het verloren geld, het projectiekladblaadje in het ‘goudenbergenbelooftheater, de achterstevoren geparkeerde piano. We leren ons een slag in de rondte en we staan er!

Klaar zijn we nog lang niet. Op naar het volgende avontuur. ‘ADHB 2’, ‘Henny en Tilly in Amerika’,  ‘Doen voor kinderen 2’, ‘Theaterinhetpark’,  ‘Theateropzolder’, ‘Tussen de schuifdeuren’, ‘boodschappenlijstjescabaret’. Roept u maar! Ja sorry hoor, ik ben gewoon enthousiast en dan verlies je de bescheidenheid vanzelf…